Verdieping: powerbanks in detail
Twee testsites meten op een andere manier, en dat verklaart hun verschillen
Techtest meet de capaciteit met een elektronische belasting die de powerbank met een vast tempo leegtrekt, bij verschillende spanningen en stromen, en rekent de Wh om naar mAh bij 3,7 V. Daardoor krijg je per model een bereik in plaats van één getal. Bij de A1695 liep dat van 19.003 tot 21.195 mAh, bij de Ugreen van 14.789 tot 17.482 mAh. Het laagste getal hoort meestal bij de zwaarste belasting, dus bij laptopgebruik.
Expert Reviews meet anders. De site laadt echte apparaten en kijkt naar vermogen en tijd: een MacBook Air van leeg naar 30 procent in 21 minuten aan de A1695, een iPhone 16 Plus naar 50 procent in 26 minuten, een OnePlus 12 naar 57 procent in 32 minuten. Bij de Prime A110A mat de site het vermogen per poort en hoe snel de powerbank zelf vol was. Een capaciteitsmeting zoals bij Techtest publiceert Expert Reviews niet.
Voor de A1695 en de Prime vullen de twee elkaar aan. Techtest zegt hoeveel energie erin zit, Expert Reviews wat je daar in de praktijk mee doet. Bij de A1695 zijn ze het grotendeels eens, al zag Techtest het vermogen bij ongeveer 25 procent restlading teruglopen, terwijl Expert Reviews schrijft dat de accu nooit echt warm werd. Dat hoeft elkaar niet tegen te spreken: Techtest trok constant 100 W, Expert Reviews laadde een laptop die 70 W vroeg.
De andere modellen hebben maar één van de twee. De Xtorm, de Nano en de Ugreen zijn alleen door Techtest gemeten, en dat in 2023 of 2024. De MagGo Slim en de Nuvance zijn door geen van beide getest. Dat verklaart waarom de score voor onderbouwing zo uiteenloopt, ook als de beoordelingen van kopers vergelijkbaar zijn.
De A1695 en de Prime A110A verschillen meer in prijs dan in capaciteit
Op papier lijken ze broers: allebei Anker, allebei een zuil van ongeveer 16 cm, allebei met display, allebei net onder de grens voor handbagage. De A1695 geeft 25.000 mAh op, de Prime 26.250 mAh volgens Anker of 26,75 Ah volgens Coolblue. Gemeten scheelt het in de hoogste waarde van Techtest 3.072 mAh in het voordeel van de Prime, en in percentage van de opgave haalt de Prime 80 tot 90 procent tegen 76 tot 85 procent bij de A1695.
Het echte verschil zit in vermogen en oplaadtijd. De Prime levert 140 W per USB-C-poort en 300 W in totaal, de A1695 100 W per poort en 165 W in totaal. De Prime is met twee laders in 48 minuten vol, de A1695 deed er bij Techtest 1 uur en 57 minuten over en laadde zichzelf met hooguit 90 W. Voor een MacBook Pro of twee laptops tegelijk is de Prime de sterkere keuze; Expert Reviews mat 137,6 W op één poort terwijl een tweede laptop 62,8 W kreeg.
Daar staat € 111 prijsverschil tegenover. Voor de prijs van de Prime koop je de A1695 en de Xtorm FS5201 samen, en houd je nog € 47 over. De A1695 heeft daarbij twee dingen die de Prime niet heeft: twee ingebouwde kabels en een vierde aansluiting. Bij Coolblue heeft de A1695 bovendien 44 beoordelingen tegen 2 voor de Prime.
De keuze hangt dus af van je laptop. Laadt die met 65 of 70 W, dan levert de A1695 al meer dan genoeg en verdient de Prime zijn meerprijs niet. Laadt hij met 100 W of meer, of wil je twee zware laptops tegelijk voeden, dan is de Prime het enige model in dit overzicht dat dat zonder terugval doet.
Warmte bepaalt of 100 W ook 100 W blijft
Bijna elke krachtige powerbank in dit overzicht houdt zijn topvermogen niet vol. Techtest zag de A1695 bij een vraag van 100 W bij ongeveer 25 procent restlading terugschakelen naar 65 W, en de Ugreen Nexode bij 34 procent restlading van 100 naar 65 W. De Anker Nano schakelde bij een constante 30 W rond 36 procent restlading helemaal uit. Stiftung Warentest schrijft in zijn test van januari 2026 dat veel modellen hun vermogen na een tijdje terugschroeven.
De oorzaak is warmte. Een powerbank die veel vermogen levert, wordt warm, en de elektronica schroeft het vermogen terug om de accu te beschermen. Bij de Ugreen zag Techtest hetzelfde tijdens het opladen van de powerbank zelf: het laadvermogen schommelde na een halfuur tussen 65 en ongeveer 30 W.
De uitzondering is de Prime A110A. Expert Reviews schrijft dat de laadsnelheden daar vastlagen en bleven, waar ze bij andere powerbanks in het begin schommelen. Anker zegt de temperatuur meer dan tien miljoen keer per dag te controleren; dat is een fabrieksopgave, en hoe het in een lange laptopsessie uitpakt, heeft geen van beide testers uitgebreid gemeten.
Voor telefoons speelt dit nauwelijks, omdat een telefoon zelden langer dan een halfuur veel vermogen vraagt. Voor laptops wel. Wie zijn laptop een hele middag op een powerbank wil laten draaien, moet rekenen met het teruggeschroefde vermogen, niet met het getal op de doos. Een model als de Xtorm, met 35 W per poort, belooft minder en heeft dus ook minder om terug te schroeven.
Koopgids: zo kies je powerbank
De mAh op de verpakking haal je nooit helemaal
Een powerbank van 20.000 mAh levert geen 20.000 mAh aan je telefoon. De opgave gaat over de accucellen, die werken op ongeveer 3,6 tot 3,7 V. Voor USB moet die spanning omhoog naar 5, 9, 12, 15 of 20 V, en bij die omzetting en in de regelelektronica gaat energie verloren, legt Techtest uit. Wat overblijft noemt de tester de echte capaciteit, en bij gewone powerbanks ligt die volgens Techtest meestal tussen 80 en 90 procent.
In dit overzicht loopt dat uiteen van 74 procent, de laagste waarde van de Ugreen Nexode bij hoge belasting, tot 94 procent bij de Xtorm FS5201. Hoe snel je de powerbank leegtrekt, telt mee: de Xtorm leverde 69,73 Wh bij 5 V en 2 A, maar 63,99 Wh bij 9 V en 3 A. Bij hoog vermogen gaat dus meer energie als warmte verloren dan bij een rustig opladende telefoon.
Stiftung Warentest kwam in januari 2026 tot dezelfde conclusie. De tester noemt de mAh-opgave maar beperkt zinvol en rapporteert bruikbare energie in Wh: 28,5 tot 35,8 Wh bij de modellen van ongeveer 10.000 mAh, 58,3 tot 69,9 Wh bij de modellen van ongeveer 20.000 mAh. Test-Aankoop schrijft in juni 2026 eveneens dat de opgegeven mAh niet het hele verhaal vertelt, en vergelijkt op geleverde energie en efficiëntie.
Vergelijk daarom gemeten waarden waar die bestaan. De Anker A1695 geeft 5.000 mAh meer op dan de Xtorm, maar in de hoogste meting van Techtest scheelt het 2.350 mAh. Bij de Nuvance en de MagGo Slim is er geen meting, en daar is de opgave alles wat je hebt. Dat maakt ze niet per se slechter, wel onzekerder. Wie voor een lange reis precies wil weten hoeveel energie er in de tas zit, is met een gemeten model beter af dan met de goedkoopste opgave.
Meer watt helpt alleen als je apparaat erom vraagt
De Anker Prime A110A levert 140 W per USB-C-poort, maar een iPhone 17 neemt er volgens Anker maximaal 40 W van af. Een telefoon bepaalt zelf hoeveel vermogen hij vraagt, via Power Delivery of een vergelijkbare snellaadstandaard. Expert Reviews zag een iPhone 16 Plus aan de A1695 tot 33 W gaan, en Techtest liet een iPhone 15 Pro, een Pixel 8 en een Galaxy A55 op volle snelheid laden aan de Xtorm FS5201, die per poort 35 W levert. Voor die telefoons maakt het dus weinig uit of je 35 of 140 W koopt.
Er zijn uitzonderingen. Een Galaxy S24 Ultra laadde aan de Xtorm met ongeveer 26 W, minder dan de telefoon aankan. Bij zulke telefoons speelt PPS mee, een variant van Power Delivery waarbij de telefoon de spanning in kleine stappen kiest. Techtest meldt dat de A1695 een groot PPS-bereik heeft op alle USB-C-aansluitingen; wie een Samsung met snelladen heeft, let daarop.
Bij laptops wordt vermogen pas echt belangrijk. Expert Reviews laadde een MacBook Air met 70 W aan de A1695 en tegelijk een tweede laptop met 63 W. De Ugreen Nexode haalt 100 W op één poort, de Prime 140 W. Een model van 35 W zoals de Xtorm kan een laptop bijladen, maar niet in dat tempo, en de Nuvance van 22,5 W en de MagGo Slim richten zich volgens fabrikant en Coolblue op telefoons, tablets en kleinere apparaten. Voor een laptop zijn die twee niet de juiste keuze.
Laad je meerdere apparaten tegelijk, dan telt het totaal. Bij de A1695 zakt het maximum naar 130 W zodra er drie of meer apparaten aan hangen, schrijft Expert Reviews, en Coolblue waarschuwt bij de Xtorm dat laden langzamer gaat als alle poorten bezet zijn. De Prime is de uitzondering: Expert Reviews mat tegelijk 62,8 W, 137,6 W en 20 W op de drie poorten.
Een 25.000 mAh-powerbank weegt bijna drie keer zoveel als een 10.000 mAh-model
De zwaarste powerbank in dit overzicht, de Anker Prime A110A, weegt 600 gram volgens Coolblue, de lichtste, de MagGo Slim, 200 gram. Daartussen zitten drie groepen. De modellen van 10.000 mAh wegen 200 tot 215 gram en passen volgens Coolblue in een broekzak. De 20.000 mAh-modellen wegen 395 tot 476 gram: de Nuvance 395 gram volgens de fabrikant, de Xtorm 400 gram en de Ugreen 476 gram. De twee grote Ankers zitten op 585 en 600 gram.
Reken je de hoogste meting van Techtest om naar mAh per 100 gram, dan komt de Xtorm FS5201 op 4.711, de Prime A110A op 4.045, de Nano op 3.932, de Ugreen op 3.673 en de A1695 op 3.623. Meer capaciteit kost dus niet automatisch meer gewicht per mAh. De Xtorm haalt per gram zelfs meer energie dan de grote Ankers, en de A1695 betaalt met gewicht voor zijn twee ingebouwde kabels en drie poorten van 100 W.
Voor dagelijks gebruik zegt het absolute gewicht meer. Wie elke dag met de trein reist en alleen een telefoon bijlaadt, sjouwt met een 20.000 mAh-model ongeveer 200 gram extra mee voor capaciteit die hij zelden opmaakt. Andersom is een model van 10.000 mAh op een meerdaagse trektocht of festival te klein: Coolblue rekent bij de Nano en de MagGo Slim op twee volle ladingen van een smartphone, bij de Xtorm op vier en bij de A1695 op vijf.
Let ook op de vorm. De MagGo Slim is volgens Coolblue 1,43 cm dik, de Ugreen 5,08 cm. Een plat blok glijdt makkelijker in een jaszak, een dikke zuil als de Prime of de A1695 hoort in een rugzak of laptoptas. Een koper bij Coolblue stuurde de Xtorm terug omdat die niet in zijn broekzak paste, en Coolblue beoordeelt het meenemen van de A1695 en de Prime als beperkt.
De beste powerbank voor het vliegtuig blijft onder 100 Wh
In het vliegtuig telt niet de mAh maar de Wh. Coolblue vat de regels van de IATA samen: je mag maximaal twee powerbanks van elk hooguit 100 Wh meenemen, en die horen in de handbagage, nooit in het ruim. Tussen 100 en 160 Wh mag het alleen met toestemming van de luchtvaartmaatschappij, boven 160 Wh nooit. Opladen tijdens de vlucht doe je niet. Maatschappijen kunnen strengere regels hebben, dus kijk voor vertrek op hun site.
De omrekening is eenvoudig: mAh maal 3,7 en dan delen door 1.000, volgens Coolblue. Een powerbank van 20.000 mAh komt zo op 74 Wh. De A1695 heeft volgens Anker 90 Wh, en de Prime A110A zit met 99,75 Wh volgens de fabrikant net onder de grens. Anker presenteert die capaciteit zelf als geschikt voor in het vliegtuig.
Expert Reviews zet de A1695 in zijn overzicht van oktober 2026 bovenaan voor vliegreizen, en die past met 90 Wh ruim binnen de grens. Wil je op een lange vlucht twee apparaten bijladen, houd dan rekening met het advies van Coolblue om de powerbank tijdens de vlucht liever niet te gebruiken.
Waar het misgaat, is bij de echt grote modellen buiten dit overzicht. Coolblue verkoopt bijvoorbeeld een Xtorm Fuel van 45.000 mAh. Met de rekenregel komt die op 166,5 Wh, en volgens dezelfde Coolblue-uitleg mag een powerbank boven 160 Wh nooit mee. Zo'n model is een kampeeraccu, geen reisaccessoire.
Een ingebouwde kabel scheelt zoeken, tot hij kapotgaat
Drie modellen in dit overzicht hebben vaste kabels. De Anker Nano heeft een USB-C-kabel die tegelijk draaglus is, de A1695 een oprolbare kabel van 70 cm en een tweede in de draaglus, en de Nuvance een USB-C-kabel en een 8-pin-kabel voor oudere iPhones, beide aan de zijkant. Een koper van de A1695 bij Coolblue noemt de interne kabels het slimste onderdeel, omdat je geen losse spullen meer hoeft mee te nemen.
Het nadeel staat in een beoordeling van de Nano bij Coolblue: gaat de kabel kapot, dan kun je hem niet vervangen zoals een losse kabel. Je houdt dan een powerbank met minder aansluitingen over. Bij de A1695 is dat minder erg, omdat er naast de twee kabels nog een USB-C- en een USB-A-poort zitten. Bij de Nuvance blijven er volgens de fabrikant ook een USB-C- en een USB-A-uitgang over.
De Xtorm, de Ugreen en de Prime werken met losse kabels. Coolblue levert bij de Xtorm een USB-C-naar-USB-C-kabel mee, Proshop bij de Ugreen ook. Dat is flexibeler als je een mix van apparaten hebt, maar je moet de kabel wel bij je hebben, en voor 100 W of meer heb je een kabel nodig die dat vermogen aankan. Een koper van een BlueBuilt-powerbank bij Coolblue wees erop dat een meegeleverde kabel van 60 W de powerbank niet op volle snelheid laat opladen.
De 8-pin-kabel van de Nuvance is alleen nuttig als je nog een iPhone met Lightning-aansluiting gebruikt. Heb je alleen apparaten met USB-C, dan betaal je voor een kabel die je niet gebruikt, al kost de Nuvance met € 29,95 nog steeds het minst.
MagSafe koop je voor gemak, niet voor snelheid
De Anker MagGo Slim klikt magnetisch tegen een telefoon met MagSafe of Qi2 en laadt zonder kabel. Coolblue noemt 15 W als vermogen; het draadloze vermogen zelf staat niet in de specificaties. Via de USB-C-poort gaat het met 30 W. Wie haast heeft, gebruikt dus alsnog een kabel.
Draadloos laden kost energie. Stiftung Warentest schrijft dat bij draadloos laden meer energie als warmte verloren gaat dan via USB, en een koper van de MagGo Slim bij Coolblue merkte dat hij snel warm wordt. Uit een powerbank van 10.000 mAh haal je draadloos dus minder telefoonladingen dan met een kabel. Hoeveel minder, is voor dit model niet gemeten.
Het voordeel zit in het gebruik. Je kunt bellen of navigeren terwijl de powerbank aan de achterkant hangt, zonder kabel die uit je zak bungelt. Kopers bij Coolblue noemen de magneet stevig. Een ander vindt het geheel juist zwaar en lomp op de telefoon. Met 200 gram verdubbel je bij veel telefoons ongeveer het gewicht in je hand, dus dat oordeel is begrijpelijk.
Heeft je telefoon geen MagSafe of Qi2, dan valt het hele voordeel weg en betaal je € 1,89 per opgegeven Wh voor een powerbank met volgens kopers één USB-C-poort. De Anker Nano is dan voor € 49,99 de logischere kleine keuze.
Hoe snel de powerbank zelf vol is, bepaalt je volgende dag
De Prime A110A was bij Techtest in 48 minuten van leeg naar vol, met twee laders van 140 W tegelijk. Expert Reviews kwam met twee laders van 100 W in 15 minuten op 47 procent en in een halfuur op 88,7 procent. De Xtorm FS5201 had aan een lader van 60 W 3 uur en 15 minuten nodig, en aan een oude USB-A-lader van 5 V ongeveer 8 uur. Dat verschil merk je als je 's avonds in een hotel aankomt en de volgende ochtend weer weg moet.
Daartussen zitten de andere gemeten modellen: de Nano in 1 uur en 38 minuten, de Ugreen in 1 uur en 45 minuten tot 2 uur aan een lader van 65 W of meer, en de A1695 in 1 uur en 57 minuten. Voor de Nuvance en de MagGo Slim is de oplaadtijd niet vermeld. Kopers van de MagGo Slim bij Coolblue schrijven wel dat laden zonder snellader lang duurt.
Die tijden gelden alleen met een lader die het vermogen kan leveren. Bij geen van de zeven zit volgens de winkels een lader in de doos. Een telefoonlader van 20 W maakt van de Prime geen powerbank van 48 minuten; Anker schrijft zelf dat de Prime onder ongeveer 30 W ingangsvermogen niet genoeg kan leveren voor laptops en raadt een lader van minstens 100 W aan.
Laad je de powerbank altijd 's nachts op, dan maakt snelladen weinig uit en betaal je bij de Prime voor een functie die je niet gebruikt. Dan is de Xtorm met zijn 3 uur en 15 minuten ook prima. Snel zelf opladen is vooral nuttig voor wie veel reist en weinig tijd aan een stopcontact heeft.